Schulden op ten hoogste één jaar
De rekeningen van klasse 42-48 waarmee je handelsschulden, financiële schulden op korte termijn en schulden inzake belastingen, bezoldigingen en sociale lasten boekt.
🎯 Na dit thema kan je…
- De passiefrekeningen van klasse 42 tot 48 herkennen en correct kiezen volgens de aard van de schuld (handels-, financieel, fiscaal, sociaal of divers).
- Het binnen het jaar vervallende deel van een langetermijnschuld overboeken naar 423000 en het verband leggen met klasse 17.
- Loonboekingen opmaken met de juiste verdeling over bedrijfsvoorheffing (453000), RSZ (454000), nettoloon (455000) en vakantiegeld (456000).
- Belastingschulden boeken via 450000 (geraamd), 452000 (te betalen) en het verband met 412000 (terug te vorderen).
- Te ontvangen facturen (444000) en op te maken creditnota's correct gebruiken bij de jaarafsluiting en ze het volgende boekjaar tegenboeken.
- Diverse schulden (480000/489000) en ontvangen vooruitbetalingen (460000) onderscheiden van gewone handelsschulden.
Wat zijn schulden op ten hoogste één jaar?
Schulden op ten hoogste één jaar zijn bedragen die je onderneming binnen het jaar moet betalen. Ze staan op de passiefzijde van de balans in klasse 42 tot en met 48. Omdat het passiefrekeningen zijn geldt de basisregel: een schuld stijgt in credit en daalt in debet (bij betaling).
De grote moeilijkheid van dit thema is niet de debet/credit-logica (die is altijd hetzelfde), maar het kiezen van de juiste rekening. Daarom delen we klasse 42-48 op in groepen.
De groepen binnen klasse 42-48
1. Het overgeboekte langetermijndeel (423000)
Een lening op meer dan één jaar staat in klasse 17 (bv. 173000 Kredietinstellingen). Het stuk dat binnen 12 maanden vervalt, moet bij de jaarafsluiting verhuizen naar 423000 Schulden > 1 jr die binnen het jaar vervallen. Boeking: 173000 @ 423000. Zo toont de balans correct welk deel kortlopend is. Let op: dit is een overboeking tussen twee schuldrekeningen, er verandert niets aan het totaal van de schuld.
2. Financiële schulden op korte termijn (43)
- 430000 Kredietinstellingen – Leningen vaste termijn: kaskredieten / leningen op vaste termijn bij de bank.
- 433000 Kredietinstellingen: ander voorschot in rekening-courant op korte termijn. Deze gebruik je wanneer de bank je krediet verleent dat binnen het jaar terugbetaald moet worden (een schuld, passief). Verwar dit niet met 550000 Kredietinstellingen, dat de zichtrekening/bankrekening is: dat is een actief (liquide middel) en geen schuld.
3. Handelsschulden (44)
- 440000 Leveranciers: dé klassieke schuld na een aankoopfactuur (incl. btw).
- 444000 Te ontvangen facturen: gebruik je bij de afsluiting als de goederen/diensten al ontvangen zijn maar de factuur nog niet binnen is. Je boekt de kost (bv. 604000) tegenover 444000, zonder btw (want zonder factuur is er nog geen aftrekbare btw). Het volgende jaar, bij ontvangst van de factuur, draai je 444000 terug en boek je de echte factuur met btw.
- 444100 Op te maken creditnota's: het spiegelbeeld voor een creditnota die je nog moet uitreiken of ontvangen.
4. Schulden m.b.t. belastingen, bezoldigingen en sociale lasten (45)
Dit is de kern van het thema:
- 450000 Geraamd bedrag der belastingschulden: de geraamde belasting op de winst (tegenover 670200).
- 451000 Te betalen B.T.W.: het saldo van de btw-afrekening dat je aan de Staat moet betalen.
- 452000 Te betalen belastingen en taksen: de definitief vaststaande belasting volgens het aanslagbiljet.
- 453000 Ingehouden voorheffingen: de bedrijfsvoorheffing (BV) die je inhoudt op het loon én de roerende voorheffing die je inhoudt op rente.
- 454000 Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ): het RSZ-bedrag (werknemers- én werkgeversbijdrage) dat je doorstort.
- 455000 Bezoldigingen: het nettoloon dat je nog aan het personeel moet uitbetalen.
- 456000 Vakantiegeld: de schuld voor het vakantiegeld.
5. Diverse en andere schulden (48) en vooruitbetalingen (46)
- 480000 Andere schulden en 489000 Andere diverse schulden: vangnet voor schulden die nergens anders passen (bv. een schuld aan een familielid voor geleend geld, ingehouden roerende voorheffing die nog moet doorgestort worden).
- 460000 Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen: geld dat een klant vooruit betaalt vóór levering. Het is een schuld want je moet nog leveren. Voor het langetermijndeel bestaat 176000.
Een loonboeking ontleden
Een typische loonstaat (uit de lesfiche): bruto 2.200,00, RSZ-werknemer -287,54, BV -382,49, netto 1.529,97, RSZ-werkgever 550,00.
620000 Bezoldigingen 2.200,00 (debet, kost)
621000 Werkgeversbijdragen 550,00 (debet, kost)
453000 Ingehouden voorheffingen @ 382,49 (BV)
454000 RSZ @ 837,54 (287,54 + 550,00)
455000 Bezoldigingen @ 1.529,97 (netto)
Controle: debet 2.750,00 = credit 2.750,00. De RSZ (454000) bevat zowel het werknemers- als het werkgeversdeel; dat is een veelgemaakte fout om te vergeten.
Samengevat: wanneer welke rekening?
- Factuur ontvangen -> 440000. Goederen ontvangen maar factuur nog niet -> 444000.
- Loon: BV -> 453000, RSZ -> 454000, netto -> 455000, vakantiegeld -> 456000.
- Belasting geraamd -> 450000, definitief -> 452000, btw-saldo -> 451000.
- LT-deel dat binnen het jaar vervalt -> 423000.
- Klant betaalt vooruit -> 460000.
- Past het nergens -> 480000 / 489000.
🔢 Kernrekeningen (MAR)
| Code | Naam | Natuur | Wanneer gebruiken |
|---|---|---|---|
| 440000 | Leveranciers | Credit | Bij ontvangst van een aankoopfactuur: de schuld aan de leverancier (incl. btw). Daalt in debet bij betaling. |
| 444000 | Te ontvangen facturen | Credit | Bij de afsluiting wanneer goederen/diensten ontvangen zijn maar de factuur nog niet binnen is. Wordt het volgend jaar tegengeboekt. |
| 444100 | Op te maken creditnota's | Credit | Spiegelbeeld van 444000 voor een nog uit te reiken/te ontvangen creditnota bij de afsluiting. |
| 423000 | Schulden > 1 jr die binnen het jaar vervallen | Credit | Voor het deel van een langetermijnschuld (klasse 17) dat binnen 12 maanden vervalt; overboeking 17.. @ 423000 bij de afsluiting. |
| 430000 | Kredietinstellingen – Leningen vaste termijn | Credit | Voor een lening op vaste termijn / kaskrediet op korte termijn bij de bank. |
| 433000 | Kredietinstellingen | Credit | Voor een ander kortlopend voorschot van een kredietinstelling. |
| 450000 | Geraamd bedrag der belastingschulden | Credit | Voor de geraamde belasting op de winst (tegenover 670200), zolang het aanslagbiljet nog niet binnen is. |
| 451000 | Te betalen B.T.W | Credit | Voor het te betalen saldo van de periodieke btw-afrekening (VBTW groter dan ABTW). |
| 452000 | Te betalen belastingen en taksen | Credit | Voor de definitief vaststaande belasting volgens het aanslagbiljet. |
| 453000 | Ingehouden voorheffingen | Credit | Voor de ingehouden bedrijfsvoorheffing op lonen en de ingehouden roerende voorheffing op rente. |
| 454000 | Rijksdienst voor Sociale Zekerheid | Credit | Voor het door te storten RSZ-bedrag: werknemersbijdrage én werkgeversbijdrage samen. |
| 455000 | Bezoldigingen | Credit | Voor het nettoloon dat nog aan het personeel uitbetaald moet worden. |
| 456000 | Vakantiegeld | Credit | Voor de schuld inzake (vervroegd/dubbel) vakantiegeld aan het personeel. |
| 480000 | Andere schulden | Credit | Vangnet voor kortlopende schulden die niet bij handel, financiën, fiscaliteit of lonen passen. |
| 489000 | Andere diverse schulden | Credit | Voor diverse schulden, bv. een nog te betalen rente aan een particulier of een ingehouden bedrag dat nog doorgestort moet worden. |
| 460000 | Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen | Credit | Wanneer een klant vooruitbetaalt vóór levering; de onderneming heeft nog een leveringsverplichting (schuld). |
📐 Boekingsschema's
Aankoopfactuur ontvangen (handelsschuld)
Je ontvangt een factuur van een leverancier voor aangekochte handelsgoederen.
| Debet | Credit |
|---|---|
|
|
Te ontvangen factuur bij de afsluiting
Op 31/12 zijn de goederen ontvangen maar de factuur is nog niet binnen.
| Debet | Credit |
|---|---|
|
|
Loonboeking
Maandelijkse verwerking van de loonstaat van het personeel.
| Debet | Credit |
|---|---|
|
|
Overboeking LT-deel naar KT bij de afsluiting
Bij de jaarafsluiting verhuist het binnen het jaar vervallende deel van een langetermijnlening naar de kortetermijnschulden.
| Debet | Credit |
|---|---|
|
|
Geraamde belasting op de winst
Bij de afsluiting raam je de verschuldigde vennootschapsbelasting (aanslagbiljet nog niet ontvangen).
| Debet | Credit |
|---|---|
|
|
⚠️ Veelgemaakte fouten
❌ Bij een te ontvangen factuur (444000) toch al aftrekbare btw boeken.
✅ Zonder factuur geen btw-aftrek. Boek in het lopende jaar enkel de kost @ 444000 zonder btw; de btw (411590) komt pas bij ontvangst van de echte factuur.
❌ Op 454000 RSZ enkel het ingehouden werknemersdeel boeken.
✅ De RSZ-schuld omvat zowel het werknemersdeel als de werkgeversbijdrage (621000). Tel beide samen op 454000.
❌ 450000 en 452000 door elkaar gebruiken.
✅ Gebruik 450000 zolang de belasting enkel geraamd is; herboek naar 452000 zodra het aanslagbiljet het definitieve te betalen bedrag vaststelt.
❌ Bij de overboeking van het vervallende leningdeel een kost of een geldbeweging boeken.
✅ 173000 @ 423000 is louter een overboeking tussen passiefrekeningen: geen klasse 6/7 en geen 55x betrokken.
❌ De volledige rentekost gelijkstellen aan het nettobedrag dat je uitbetaalt.
✅ De rentekost (650000) is het bruto bedrag = netto + ingehouden roerende voorheffing. De voorheffing is een door te storten schuld (453000), geen aparte kost.
❌ Geld dat een klant vooruitbetaalt op de verkoopomzet (700000) boeken.
✅ Zolang er niet geleverd is, is het een schuld: 460000 Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen. Pas bij levering volgt de opbrengst.
❌ Bij de btw-afrekening het saldo altijd op 451000 zetten.
✅ Enkel als de verschuldigde btw groter is dan de aftrekbare. Is de aftrekbare btw groter, dan komt het saldo op 411000 Terug te vorderen B.T.W. (debet).